on. Ditmaal
vergisten wij ons niet; eene menschelijke stem gaf ons antwoord;
was het de stem van een ongelukkige of eenig ander slachtoffer van
den schok, dien het fregat ondervonden had? Of was het wellicht eene
sloep van de Abraham Lincoln, die ons in de duisternis zocht?
Koenraad spande eene laatste poging in; hij richtte zich op mijne
schouders op, terwijl ik hem met inspanning mijner laatste krachten
ondersteunde, hij hief zich ten halvenlijve uit het water op en viel
toen uitgeput weer neer.
"Wat hebt gij gezien?"
"Ik zag," stamelde hij, "ik zag ... maar laat ons niet praten ... laten
wij al onze krachten bewaren?"
Wat had hij gezien? Toen kwam, ik weet niet hoe, het monster mij voor
de eerste maal in de gedachten.... Maar die stem dan? De tijden waren
toch voorbij dat een Jonas in den buik van een walvisch zat.
Koenraad stiet mij altijd voor zich uit; nu en dan lichtte hij het
hoofd op, zag voor zich uit en riep, waarop eene andere stem, welke
ons hoe langer hoe meer naderde, het antwoord gaf. Mijne krachten
waren uitgeput; mijne vingers waren verstijfd; ik kon niet meer op
mijn handen steunen; mijn mond, dien ik zenuwachtig opende, liep vol
zeewater; ijskoude overviel mij; eene laatste maal lichtte ik het
hoofd nog eens op, en toen zonk ik in de diepte....
Op dit oogenblik stiet ik op een hard voorwerp; ik klampte mij er
aan vast; toen voelde ik dat men mij optrok en uit het water haalde;
ik haalde ruimer adem en viel in zwijm....
Ik kwam spoedig weer tot mijn bewustzijn, omdat men mij duchtig wreef;
ik opende de oogen....
"Koenraad!" fluisterde ik.
"Heeft mijnheer mij gebeld?" antwoordde Koenraad.
Op dat oogenblik bemerkte ik bij het licht der reeds ondergaande
maan een gelaat, dat niet van Koenraad was, maar hetwelk ik aanstonds
herkende.
"Ned!" riep ik uit.
"Hij zelf, mijnheer, en ik loop mijne premie na," antwoordde Ned Land.
"Zijt gij door den schok in zee geworpen?"
"Ja mijnheer de professor, maar gelukkiger dan gij ben ik bijna
onmidde
Notka biograficzna
Admiral Phillip Parker King, FRS, RN (13 December 1791-February 26, 1856) was an early explorer of the Australian coast. He was born on Norfolk Island, to Philip Gidley King and Anna Josepha King and named for his fathers mentor, Arthur Phillip, which explains the difference in spelling of his and his fathers first names. Sent to England for education in 1796, he joined the Royal Navy in 1807, and was promoted to lieutenant in 1814.
gry winx gry praca Skarźysko-Kamienna brandsolutions.pl kredyty firmoweHow to Sell Gold Jewelry dekoracje przyjęć i bankietów koraliki Fotografia projekty domów jednorodzinnych
Jules Gabriel Verne (February 8, 1828 March 24, 1905) was a French author who pioneered the science-fiction genre. He is best known for his novels Journey to the Center of the Earth (written in 1864), Twenty Thousand Leagues Under the Sea (written in 1870), and Around the World in Eighty Days (written in 1873). Verne wrote about space, air, and underwater travel before navigable aircraft and practical submarines were invented, and before any means of space travel had been devised. He is the second most translated author of all time, only behind Agatha Christie with 4021 translations, according to Index Translationum.[1] Some of his work has been made into films. Verne, along with H. G. Wells, is often referred to as the Father of Science Fiction.[2]